Verkenning: RUIMTE

Hier schrijven we samen aan het hoofdstuk Ruimte van het Commons Transitieplan. Praat je mee en draag je bij? Dat gaat in 3 stappen. 1) Lees het stuk hieronder 2) Doe een voorstel voor toevoeging of wijziging in Loomio, klik hier 3) Bij consent over jouw voorstel doe jij zelf de toevoeging of wijziging in de tekst hieronder en is er een korte check in Loomio.

NB: We vertrouwen erop dat niemand zomaar aanpassingen maakt in de tekst zonder daarvoor eerst een voorstel te doen in Loomio!

Commons Transitieplan: Ruimte

  1. Inleiding
  2. Uitdagingen
  3. Visie: de stad als commons
  4. Principes voor commoning
  5. Kansrijke aanpakken en aansprekende voorbeelden
  6. Verder lezen

1. Inleiding In dit hoofdstuk verkennen we de uitdagingen en mogelijkheden van het domein publieke ruimte in Amsterdam en hoe het commons-gedachtengoed hier een nieuw licht op kan werpen. Dat komt niet uit het niets: in 2018 trapte een nieuw college af in Amsterdam met de expliciete ambitie om de stad duurzamer en socialer te maken en daarbij ook te kijken naar het gedachtengoed van de commons en naar nieuwe ingrepen in de publieke ruimte. In dat coalitieakkoord wordt bijvoorbeeld gerept over ‘ongelijkheid die zich vastzet in ruimtelijke segregatie’.

De stad is van iedereen. Juist in een stad als Amsterdam is de publieke ruimte van Amsterdammers, maar ook van de niet-Amsterdammer. Iedereen die hier wel eens is gebruikt de ruimte en legt daarmee een claim op die ruimte en wat zij te bieden heeft. Maar die claim werkt ook andersom: de inrichting van de ruimte heeft invloed op de gebruiker. Deze manier van kijken naar publieke ruimte is een Amsterdamse traditie: al decennia loopt Amsterdam voorop in de planologie en de sociale geografie. Al heel lang denken Amsterdamse beleidsmakers, creatievelingen en academici na over het samenspel tussen ruimte en sociale dynamiek. Er zijn weinig steden in de wereld waar de lokale politiek zo grondig in blijft grijpen in het ontwerp en de inrichting van de openbare ruimte.

2. Uitdagingen De ruimte in de stad is steeds minder van iedereen. Huizen zijn voor steeds minder mensen betaalbaar, winkels en horeca bedienen vooral nog de welvarende groepen. Mensen verliezen hiermee het gevoel van de stad als hun plek met publieke ruimte die zij kunnen gebruiken. Ook gaat hiermee uiteindelijk diversiteit en sociale cohesie verloren. De ruimte wordt, kortom, steeds minder publiek. In deze context spelen verschillende uitdagingen:

  • De stad wordt drukker dus moet de ruimte met meer gebruikers gedeeld worden. De drukte zorgt ervoor dat sommige mensen zich niet meer welkom voelen, dat er soms te weinig ruimte is en dat de leefbaarheid bedreigd wordt. Een ontoegankelijke en onleefbare ruimte is niet publiek.
  • Ruimte in de stad wordt financieel steeds aantrekkelijker. Daardoor wordt er steeds meer ruimte gecommodificeerd en verkaveld. Woningen worden aan de hoogste bieder verkocht, brughuisjes worden hotels en parken worden festivallocaties.
  • Ten derde is er sprake van een hardnekkig ‘rendementsdenken’ in het Amsterdamse ruimtelijk beleid. Bij herinrichting wordt te vaak gezocht naar manieren om vierkante meters te laten renderen. Dit leidt er in de praktijk toe dat ondernemers vaak meer ruimte krijgen dan bewoners.
  • Het rendementsdenken dat ook in Amsterdam dominant is geworden probeert de publieke ruimte als ‘a-politiek’ te presenteren. Daarmee wordt de strijd verwijderd uit het proces van inrichting en bestemming. De enige vraag is dan nog hoeveel een vierkante meter ‘oplevert’ . Steeds meer mensen pleiten echter voor het opnieuw politiseren van de publieke ruimte: elke keer als er een stukje stad moet worden ingericht of ontworpen vindt er immers een strijd plaats. In het klein is dat een strijd tussen bewoners en bedrijven, maar in het groot gaat dit over wie er recht heeft op de stad.
  • Een andere uitdaging waar de stad mee worstelt is het ontbreken van een sociale visie op architectuur. De Amsterdamse School was ooit wereldberoemd, juist omdat het prestigieus was voor architecten om voor gewone mensen te bouwen. Nu leveren architecten, in de woorden van de nestor van Nederlandse architectuur Herman Hertzberger, niets meer dan ‘het behangsel voor het neoliberalisme’.
  • Ook het angstdenken dat wordt gepropageerd door telkens naar terreur en misdaad te verwijzen draagt bij aan de inperking van de publieke ruimte. Onder het mom van veiligheid worden overal camera’s opgehangen en steeds meer hekken geplaatst. Ruimte wordt daarmee steeds minder publiek.

*3. Visie: de stad als commons * Een commons is een zelf-organiserend sociaal systeem waarin een gemeenschap een gedeelde hulpbron beheert, zonder veel inmenging van de staat of de markt. In de praktijk, zeker in steden, werken commons-initiatieven vaak samen met markt-actoren of overheden. Een commons draait altijd om een bepaalde praktijk of activiteit en een grote mate van collectiviteit. In andere woorden, een commons is meer dan een gemeenschap, of een hulpbron. Een commons is een samenspel van mensen, goederen of hulpbronnen en democratische praktijken. Om die reden hebben we het vaak over commonen (afgeleid van het Engelse ‘commoning’) als werkwoord.

Een steeds grotere groep denkers en doeners pleit voor een visie op de stad als gemeengoed, als commons. Deze stroming beziet de gehele stad, in fysieke en overdrachtelijke zin, als hulpbron die de inwoners gezamenlijk beheren. De stad als sociaal systeem dus. Deze manier van kijken naar de bebouwde en beleefde wereld om ons heen werpt een nieuw licht op de publieke ruimte. Als onze stad een sociaal systeem is en als Amsterdammers allemaal ‘commoners’ zijn die in gelijke mate eigenaar zijn van die hulpbron, dan moeten we goed kijken naar de manier waarop we deze hulpbron beheren. Hebben alle leden van de gemeenschap wel genoeg inspraak en toegang tot de voorzieningen die de stad biedt? Voelt iedereen zich wel welkom in hun eigen stad? Zijn alle Amsterdammers ‘regeneratief’ bezig, of zijn er ook mensen die de hulpbron vooral exploiteren?

Als je door de bril van de commons kijkt naar Amsterdam, dan word je verleid om ‘functies’ van afzonderlijke elementen anders te bezien. Is een brug alleen om overheen te rijden? Leeft iemand in een huis of strekt het leefgebied van iemand verder dan de voordeur? Is de ruimte die we aan parkeerplaatsen of horecaterrassen of popfestivals geven echt de beste manier om die ruimte te gebruiken? Hoe welkom voelt iedereen zich in de ruimte? Navigeert een vrouw met kinderwagen net zo makkelijk over de stoep als een man alleen? Kan iedereen er wonen, ook gezinnen met kinderen?

Hoewel Amsterdam bruist van de creativiteit en economische activiteit kunnen we stellen dat de stad als gemeengoed in de knel gekomen is. Het recht op stad en ruimte lijkt niet optimaal gewaarborgd te worden. Er is veel geprivatiseerd, veel aan de markt overgelaten. Hoe kunnen we de ruimte van de stad weer voor iedereen maken?

De stedelijke commons kunnen gezien worden als een model voor doorontwikkeling van de stad, te midden van ingrijpende wereldwijde veranderingen. Een model waarin sociale, economische en ecologische duurzaamheid voorop staat. In de stad van de toekomst betekent dit veerkrachtige gemeenschappen, lokale voedselvoorziening, rechtvaardige omgangsvormen, nabuurschap en nog veel meer. Als we als stad weerbaar willen zijn moeten we als Amsterdammers meer gaan commonen/zelf gaan beheren. En daarvoor hebben we de publieke ruimte nodig. Want die publieke ruimte is misschien wel het belangrijkste strijdtoneel voor het terugclaimen van de stad.

4. Principes voor commoning Wat zijn voorwaarden om te commonen in een stad als Amsterdam? We kunnen, als we deze denktrant volgen, een aantal principes voor de publieke ruimte formuleren:

  • Gelijke Toegang. Elke Amsterdammer moet in gelijke mate toegang hebben tot de publieke ruimte. Dat betekent dus ook dat ruimte niet moet discrimineren, zoals bij racistische algoritmes in gezichtsherkennende camera’s, of bij stoepen die niet toegankelijk zijn voor mensen met een fysieke beperking, of bij onveilige straten.
  • Gevoel van Thuiszijn. Elke Amsterdammer moet het gevoel hebben dat zij thuis is, en de publieke ruimte speelt daar een grote rol in. Mensen moeten kunnen picknicken, wandelen, samenzijn. De publieke ruimte is het verlengde van een huis en mensen zijn daar ook thuis, niet alleen binnen de vier muren van hun woning.
  • Eigenaarschap. Van wie is de stad, anders dan van ons? Als de stad onze hulpbron is, die we met z’n allen beheren, dan moeten we ook maximale inspraak hebben over de publieke ruimte. De stad moet werkelijk geco-creeërd worden. Dat vereist radicale democratisering.
  • Zorgzaamheid en Burgerschap. Als iets van jou is, zorg je er beter voor. De commons helpen ons om handen en voeten te geven aan de principes van rentmeesterschap (als het om de natuur gaat) en zorgzaamheid (als het om elkaar gaat). Burgerschap is het nemen van verantwoordelijkheid voor je eigen omgeving. Dat uit zich nadrukkelijk ook in de publieke ruimte.
  • Vormbaarheid. Ruimte als een statische, betonnen constructie waar de burger niets meer aan kan veranderen, nodigt niet uit tot deelname. Als je echt wil dat mensen zich betrokken voelen bij de stad en thuis zijn in de ruimte, dan moeten ze die ruimte ook naar hun hand kunnen zetten .

De gedeelde ruimte is een van de beste aanjagers van commoning-activiteiten. De ruimte, mits van ons allemaal, is een essentieel onderdeel van de onbevreesde, inclusieve en duurzame stad die Amsterdam wil worden. Een aantal voorbeelden:

  • Om voedsel als commons te organiseren, moeten burgers hernieuwde aanspraak maken op de publieke ruimte. Denk aan tuinen, distributiecentra, vernieuwend vervoer, nieuwe plekken om voedsel te bereiden, kennis uit te wisselen.
  • Om zorg als commons te organiseren, is het essentieel dat de publieke ruimte stimuleert om met elkaar in contact te treden. Mensen moeten door de manier waarop ruimte ontworpen is worden uitgenodigd om naar buiten te gaan, om die ruimte ten volste te gebruiken.
  • Om energie als commons te organiseren, moet de publieke ruimte grondig worden hervormd, denk aan windmolens, zonnepanelen, laadpalen, warmteinstallaties, waterkrachtcentrales.

*5. Kansrijke aanpakken en aansprekende voorbeelden * Wat kan de gemeente doen om de stad als gemeengoed te erkennen en zich als partner op te stellen voor de commons? Wat betekend het perspectief van public civiele partnerships? Wat zou dat bestuurlijk betekenen? Hieronder presenteren we enkele ideeën en voorbeelden.

Ruimte maken voor commons & commoning

  • Garandeer ruimte voor de commons d.m.v. erkenning van commons als categorie. Voeg ‘commons’ toe als categorie in het juridisch beleidskader van de stad, zodat de commmons worden erkend als domein naast het private en publieke domein.
  • Bovengenoemde principes kunnen dienen als leidraad voor een nieuw bestuurlijk kader voor de publike ruimte, geïnspireerd op de Puccini-methode. Dit kader kan in elk inrichtingsproces worden gehanteerd. Zo’n kader kan ook worden ingezet bij nieuwe huisvestings-projecten. Denk bijvoorbeeld aan de vele bouwopgaven die de komende jaren in Havenstad zullen opkomen: met zo’n kader in de hand kan de gemeente veel concreter eisen stellen aan projectontwikkelaars en architecten, zodat zij met hun bouwwerken bijdragen aan die gedeelde publieke ruimte die een commons-stad nodig heeft.
  • Publiek civiele partnerships Er is naast de markt en het bedrijfsleven meer ruimte, handelingsperspectief en eigenaarschap nodig voor de burger. Daarom moet de gemeente zich als partner opstellen voor de commons. Want als we de stad als commons-ecosysteem bestempelen, kunnen we dan niet stellen dat haar ruimte commoning-activiteit moet stimuleren en faciliteren? Publiek-civiele partnership verwijst naar de vele mogelijkheden om het beheer en bestuur van de van stedelijke middelen onder te brengen bij gemeenschappen zelf, in samenspraak met de gemeente.
  • Elke buurt zou een aantal leefstraten kunnen krijgen. Dit is een wereldwijde trend aan het worden, waarbij straten worden teruggeclaimd door de bewoners, waarbij ze de straat gebruiken om op te leven, in plaats van alleen doorheen te rijden of te parkeren. In België is dit een succes , in Amsterdam zijn er al pilots mee gedaan maar het blijft hier een vrij tijdelijk initiatief .
  • De gemeente zou op veel meer plekken spontane streetart kunnen faciliteren, door bijvoorbeeld blinde muren beschikbaar te stellen, of door in plaats van plakzuilen schilderzuilen te plaatsen.

Inclusieve stads-en buurtontwikkeling

  • Lokale democratie, gefocust op de publieke ruimte. Bewoners moeten echt worden meegenomen in de inrichting van de ruimte, en daarvoor moeten ze worden geraadpleegd. Bij gebrek aan lokale raden, zoals ten tijde van de stadsdeelraden, kunnen we wellicht iets nieuws verzinnen: een uitgebreide commissie voor de publieke ruimte als onderdeel van de Gemeenteraad, maar dan met lokale vertegenwoordigers uit elke buurt. Een burenparlement met 99 leden, die elk voor een jaar mandaat van de buurt krijgen, specifiek om zich over bestemmingsplannen en herinrichtingstrajecten te buigen.
  • Verminder het aantal regels voor commoners. Maak ‘regelarme zones’ mogelijk, gebruik ‘parapluvergunningen’ en installeer snelle uitzonderingsmechanismen voor commons-initiatieven (bijv. Freezones 2014-2017).
  • De Omgevingswet biedt veel mogelijkheden voor het stimuleren van commons door middel van de publieke ruimte. Een aanpak vanuit het gedachtegoed van de commons om de Omgevingswet ook in te zetten om steden terug te claimen is nodig .

Voorbeelden uit het buitenland

  • In Bologna werd de ‘Bologna Regulation for the Care and Regeneration of the Urban Commons’ omarmd door gemeente en onderzoekers . In dat convenant wordt onder andere beschreven hoe ‘civic-public-partnerschips’, in tegenstelling tot publiek-private partnerschappen, eigenaarschap over de publieke ruimte kan doen terugkeren in de handen van de bewoners zelf - Londen is de eerste stad die zich een natuurgebied noemt. In juli 2019 werd de stad omgedoopt tot ‘national park’, een maatregel die ervoor zorgt dat de stad groener wordt, dat de publieke ruimtes op een andere, groenere manier gaat definiëren, een stad waar wildlife wordt ondersteund, zodat inwoners daar ook gebruik van kunnen maken, waar mensen gezonder leven. Bovenal betekent deze maatregel een mentaliteitsverschuiving: de stadsmensen zijn te gast in de natuur, waar ze toevallig veel hebben gebouwd, in plaats van de huidige situatie, waarin de natuur te gast is in de stad .
  • Zo valt er ook van Napels veel te leren, alwaar de ‘Regulation of the Commons’ werd ondertekend door het gemeentebestuur. Uit dat convenant kwam de ‘Public Space Charter’ voort, een expliciet manifest vanuit de gemeente zelf opgezet, dat voorschrijft dat de herijking van publieke ruimte in het licht van de commons begint bij radicale democratische processen . Het bestuur van Napels nam ook een motie aan die stelt dat de stad moet zoeken naar ‘zones die van belang zijn voor de burgers en de commons’. Leegstaande gebouwen worden aangemerkt als zijnde ‘gemeenschappelijk goed’ en worden daarom beschikbaar gemaakt voor buurtinitiatieven.
  • In Italië was er al in de Middeleeuwen sprake van een vorm van commonig, destijds ‘Usi Civili’ genoemd (gebruik door burgers). Dat principe beschreef hoe burgers in sommige gevallen het recht krijgen om zelf een stuk bos of akkerland te bestieren, voor voedselproductie bijvoorbeeld .
  • Het ‘Vorkaufsrecht’ in Berlijn is een aanzet tot de ‘her-municipalisatie’ van wonen. Als reactie op stijgende prijzen en de financialisering van het woonaanbod, vergelijken nu bepaalde stadsdelen voor de verkoop van een huis, de marktprijs met de huurprijs. Wanneer de prijs disproportioneel hoger uitvalt dan gewoon is bij de betreffende huurprijs, heeft het stadsdeel het recht de verkoop tegen de houden. Deze biedt dan een lagere prijs aan woningcorporaties aan die betaalbare woningen moeten garanderen.

*6. Verder lezen * De faculteit Planologie en Sociale Geografie aan de UvA heeft haar studievereniging vernoemd naar Samuel Sarphati, een van de grondleggers van de idee dat stedenbouw dient ter verheffing van het volk. https://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/26927/samuel-sarphati-1813-1866-schepper-van-een-nieuwe-stad.html Cornelis van Eesteren, eén van de bekendste denkers over stedenbouw en verantwoordelijk voor het Uitbreidingsplan van de stad, pleitte altijd voor het gebruiken van ruimte voor het oplossen van maatschappelijke problemen. https://nl.wikipedia.org/wiki/Cornelis_van_Eesteren Een vrij compleet overzicht van de hedendaagse wetenschappelijke literatuur over de ‘publiekheid’ van de publieke ruimte, de wisselwerking tussen socio-economische krachten en de openbare ruimte, en kritieken op hedendaagse planologie vanuit de politieke economie, met tientallen bronnen, zie hier: https://onlinelibrary.wiley.com/doi/full/10.1111/anti.12189 De afdeling Onderzoek en Statistiek waarschuwde dit jaar dat Amsterdam richting de 1 miljoen inwoners gaat: https://www.parool.nl/nederland/10-gevolgen-van-de-bevolkingsgroei-in-amsterdam~bb3309d9/ Voor meer onderzoek naar de financialisatie van ruimte en vastgoed, zie onder meer: https://www.versobooks.com/blogs/4326-the-financialization-of-housing en hier: https://www.theguardian.com/cities/2015/aug/04/pops-privately-owned-public-space-cities-direct-action ‘Verkenning van de Rechtvaardige Stad: Stedenbouw en de Economisering van de Publieke Ruimte’ is eén van de drie publicaties van het project ‘Publieke Ruimte – Publieke Zaak’, uit 2014: https://www.trancity.nl/downloads/verkenning-van-de-rechtvaardige-stad.html Op dit moment loopt er een onderzoek, in opdracht van het huidge gemeentebestuur, naar de beste manier om vierkante meters in de openbare ruimte ‘te beprijzen’. https://www.parool.nl/amsterdam/commerciele-sportbedrijfjes-eisen-openbare-ruimtes-op~bcc9057b/
De kritiek dat de stad vooral een vehikel voor neoliberale consumptie is stamt al uit de jaren zestig, toen Henri Lefebvre zijn befaamde ‘La Droit á La Ville’ publiceerde (‘recht op stad’). Andere inspiratiebronnen zijn David Harvey en Saskia Sassen, die in de jaren negentig en daarna voortborduurden op zijn werk. Voor een goeie samenvatting, zie bijvoorbeeld dit stuk van Koenraad Bogaert van de Universiteit Gent in Agora Magazine uit 2012: http://www.agora-magazine.nl/wp-content/uploads/2012/12/2012-5-Klassiekers_Lefebvres-stad.pdf ‘Public Space As Emancipation: Meditations on Anarchism, Radical Democracy, Neoliberalism and Violence’, door Simon Springer, uit: Antipode 43(2):525-562, 2010. https://www.researchgate.net/publication/229473623_Public_Space_as_Emancipation_Meditations_on_Anarchism_Radical_Democracy_Neoliberalism_and_Violence ‘Op zoek naar de nieuwe Woon Coop’, een van de drie publicaties van het project ‘Publieke Ruimte – Publieke Zaak’, uit 2014: https://www.trancity.nl/downloads/wooncoop.html Herman Hertzberger was zelf groot pleitbezorger van het zoeken naar ruimtelijke oplossingen voor maatschappelijke problemen. Vorig jaar sprak hij zich uit tegen moderne architecten: ‘bouw woningen, geen expathokjes’. https://www.nrc.nl/nieuws/2017/11/03/herman-hertzberger-architectuur-is-foute-boel-we-moeten-beter-gaan-bouwen-13829717-a1579862 Facial Recognition’s Many Controversies, From Stadium Surveillance to Racist Software: https://www.nytimes.com/2019/05/15/business/facial-recognition-software-controversy.html Németh, J. en Hollander, J. (2010), Security Zones and New York City's Shrinking Public Space. International Journal of Urban and Regional Research, 34: 20-34. https://onlinelibrary.wiley.com/doi/abs/10.1111/j.1468-2427.2009.00899.x Graham, Stephen, (2010) Cities Under Siege: The New Military Urbanism, Verso Books, 2010. https://www.versobooks.com/books/365-cities-under-siege Can We Make Non-Racist Face Recognition? https://gizmodo.com/can-we-make-non-racist-face-recognition-1827639249 Zie: https://www.marketingtribune.nl/media/nieuws/2019/03/jcdecaux-wint-strijd-met-amsterdam-om-digitale-mupis/index.xml Voor een gedetailleerd onderzoek naar deze manier van kijken naar ruimte, zie dit onderzoek van de London School of Economics, in opdracht van de Britse overheid: https://assets.publishing.service.gov.uk/government/uploads/system/uploads/attachment_data/file/498858/future-of-cities-urban-commons.pdf Voor meer academisch onderzoek naar de wisselwerking tussen urban commons en publieke ruimte, tussen de waarde van die ruimte voor de stad en voor het bouwen aan ‘gezondere’ gemeenschappen, zie: https://labgov.city/theurbanmedialab/public-space-collective-governance-and-the-urban-commons/ Dit citaat van David Harvey komt hier goed van pas: “Contestation over the construction, meaning and organization of public space only takes effect, therefore, when it succeeds in exercising a transformative influence over private and commercial spaces. Action on only one of these dimensions will have little meaning in and of itself. Attempts to change one dimension may prove worthless or even counterproductive in the absence of connectivity to the others. It is, in the end, the symbiosis between the three that matters. To take a contemporary example, no amount of "new urbanism" understood as urban design, can promote a greater sense of civic responsibility and participation if the intensity of private property arrangements and the organization of commodity as spectacle (of which Disneyfication is the prime example) remains untouched. Empty gestures of this sort with respect to the organization of public space abound. But when connections are made, then the political consequences can be both intense and far-reaching.” Uit: Harvey, David, 2005. The Political Economy of Public Space. Zie: https://www.leefstraat.be/ Zie: https://www.at5.nl/artikelen/194127/amsterdammers-kunnen-plan-indienen-voor-autovrije-leefstraat Zie: http://theconversation.com/london-becomes-the-worlds-first-national-park-city-committed-to-giving-people-access-to-nature-120714 Het manifesto voor Londen als Park werd tegelijk gelanceerd, en staat bol van de progressieve doelen. Het valt op hoezeer de publieke ruimte een rol speelt in deze mooie idealen. http://www.nationalparkcity.london/charter Er is heel veel te vinden over deze nieuwe wet (of eigenlijk een verzameling wetten), maar er is nog weinig onderzoek gedaan naar de rol van de burger in dit nieuwe bestuurkijk kader. Niettemin: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/omgevingswet Meer over het project in Bologna: https://labgov.city/explore-by-lab/bolognalab/ Uitgebreide uitleg van de urban commons processen in Bologna en Napels: http://wiki.p2pfoundation.net/Bologna_Regulation_for_the_Care_and_Regeneration_of_Urban_Commons Voor meer info over het organiseren van publieke ruimte als gemeengoed, zie ook deze lezing van prof Luisa Bravo, in het kader van een project van de Verenigde Naties: https://unhabitat.org/stand-up-for-public-space-luisa-bravo/ Een goed overzicht van alle nieuwe inzichten over publieke ruimte en stedelijke commons van de laatste jaren in Italië, zie: https://cooperativecity.org/2017/11/21/urban-commons-learning-from-italy/