Verkenning: ENERGIE

Hier schrijven we samen aan het hoofdstuk Energie van het Commons Transitieplan. Praat je mee en draag je bij? Dat gaat in 3 stappen. 1) Lees het stuk hieronder 2) Doe een voorstel voor toevoeging of wijziging in Loomio, klik hier 3) Bij consent over jouw voorstel doe jij zelf de toevoeging of wijziging in de tekst hieronder en is er een korte check in Loomio.

NB: We vertrouwen erop dat niemand zomaar aanpassingen maakt in de tekst zonder daarvoor eerst een voorstel te doen in Loomio!

Commons Transitieplan: Energie

  1. Inleiding
  2. Wat betekent het om de commons in de energiesector te omarmen?
  3. Voordelen van commonsbeheer of energiedemocratie
  4. Aanpakken in de energie-democratie
  5. Wat kan Amsterdam nog medoen?
  6. Verder lezen

1. Inleiding Naar een gedecentraliseerd energie systeem met schone energie. De stad Amsterdam wil verder verduurzamen en bijdragen aan de Parijs-doelstellingen om C02-uitstoot te verminderen. Amsterdammers zijn nu voor hun energie nog vooral afhankelijk van een gecentraliseerd systeem met grote bedrijven die energie produceren uit fossiele brandstoffen. Het uitbesteden van een basisdienst als energielevering en -beheer aan private actoren en gecentraliseerde systemen leidt tot beperktere zeggenschap en controle van burgers en de stad als geheel over deze dienst. Dit verlies van controle gaat dikwijls gepaard met weinig nadruk op energiebesparing en hogere kosten voor energie dan nodig. Het energieverbruik van Nederland komt nu voor ongeveer 7% uit hernieuwbare bronnen, voor een werkelijke transitie zal het huidige centralistische systeem op de schop moeten en plaats moeten maken voor een meer decentraal systeem waar burgers steeds meer zelf hun energie opwekken.

Amsterdam ziet de waarde van actief burgerschap, gedeeld eigenaarschap, democratisering van de economie en het stimuleren van de lokale economie. Het college wil dan ook de commons stimuleren, oftewel het domein van de burger uitbreiden en duurzame lokale initiatieven stimuleren. Meer zeggenschap, eigenschap en beheer door burgers draagt ook bij aan een democratische en inclusieve stad en economie.

2. Wat betekent het om de commons in de energiesector te omarmen? Dit betekent ten eerste dat we energie als gemeengoed beschouwen en het ook op deze wijze te beheren: als een commons. Wanneer we energie als gemeengoed zien, als een essentiële bron, dan heeft dat bepaalde implicaties voor hoe we er mee om gaan. Dit impliceert deels een mentaliteitsverandering, een verandering in zienswijze en taal.

Hoe faciliteren we energie-commons, hoe kan men de commons als organisatiemodel stimuleren? We hebben het over de opwekking van energie, de distributie en het gebruik. Het stimuleren van de commons als coöperatief en democratisch organisatiemodel, en het stimuleren van de commons als sector, naast de publieke en private sector. Dit betekent het versterken van de al aanwezige beweging naar lokaal beheer en burgereigendom van energiebeheer, -opwekking en -distributie. We laten het gecentraliseerde, hiërarchische systeem achter en ontwikkelen een decentraal, adaptief en democratisch energiesysteem.

Het betekent onder andere dat in plaats van passieve afnemers van energie (consumenten) burgers ‘prosumers’ worden, mensen die mede-eigenaar zijn van de bron, het proces en dus ook van de impact daarvan op het milieu bijvoorbeeld. De relatie tussen burgers en lokale autoriteiten is een centraal component in de energiedemocratie, en dit past in een wijder perspectief: het heruitvinden van lokale bestuur model rond de notie van co-productie en co-ontwikkeling. In andere woorden, besluiten door en met burgers in plaats van voor burgers. Het begrip publiek-civiele partnerschap geeft deze benadering goed weer.

‘Energie democratie’, ‘community energy’ en (Re)municipalisatie zijn concepten die uiting geven aan de commonsbenadering van energiebeheer. Energiedemocratie is het bredere begrip en draait om zelfbeschikking door middel van gedeeld eigendom/eigenaarschap van burgers over de opwekking, en het beheer van energie en de infrastructuur eromheen. Het gaat dan niet alleen om burgercoöperaties (community energy) maar ook om het weer in publiek of publiek-civiel beheer en bezit nemen van het energienetwerk en de energielevering (re-municipalisatie).

3. Voordelen van commonsbeheer of energiedemocratie

  • Goed voor de lokale economie (impuls aan lokale startups, buurteconomie, werkgelegenheid)
  • Goed voor de consument: het stimuleert energiebesparing, en houdt kosten laag.
  • Goed voor de planeet: energiecoöperaties dragen bij aan de energietransitie, zijn vaak duurzaam en energiebesparend , en leidden tot circulair gebruik.) (als we samen verantwoordelijk én afhankelijk zijn voor en van de hulpbron, gaan we er ook zuiniger mee om). En het leidt tot sociale innovaties zoals bijvoorbeeld het concept om energie terug te pompen in je auto of in de verlichting van een winkel).
  • Goed voor de stad en het sociale weefsel: gemeenschappen, verbinding en zelfbeschikking ontstaan en er is minder afhankelijkheid van (inter-)nationale leveranciers.
  • Emanciperend en leidt tot maatschappelijke participatie: er ligt verantwoordelijkheid en eigenaarschap bij de burger, door mede-eigenaar of medebeheerder te zijn, moéten burgers wel geraadpleegd worden over beleid, sterker nog, in zo’n systeem zouden burgers zelf mede het beleid maken.

4. Aanpakken in de energie-democratie Energiecoöperaties zijn een vorm van gedeeld eigendom en lokaal beheer. Ze staan voor schone energie van lokale bronnen. Een paar voorbeelden in Amsterdam:

  • Meer Energie (aanleg warmtenet vanwege warmteoverschot data centers)
  • Ecostroom.nu (gezamenlijk zonnepanelen door en voor buurt)
  • Amsterdam Energie (lokaal opgewekte duurzame energie)
  • Westerlicht (Idee voor aanleg warmtenet, energie overschot sloterplas)
  • Netbeheer: Het democratisch bestuur van het nutsbedrijf of in publiek-civiel beheer nemen van het distributie- of warmte-net is een andere aanpak (re-municipalisatie).

Er zijn talloze voorbeelden in Europa van municipale energienetwerken, met allerlei variaties. Alleen al in Duitsland zijn er honderden. Een interessant voorbeeld is Hamburg mede omdat het door een referendum is bewerkstelligd en Kopenhagen, waar de backbone publiek en de distributie netten open zijn voor civiel gebruik.

5. Kansrijke aanpakken: wat kan Amsterdam doen? Institutionele en economische prikkels & voorwaarden Organisatie: Om deze democratisering en lokalisering te bevorderen is zoveel mogelijk publiek-civiele( of publieke-commons) samenwerking een belangrijke basis. Het publiek of democratisch beheer van het energie-/elektriciteitsnet zorgt er ook voor dat transitie naar duurzaam lokaal opwekken makkelijker gaat.

Burger en energiecoöperaties zijn historisch hetzelfde behandeld als de grotere traditionele energie bedrijven, wat leidt tot uitsluiting. Deze marktactoren dienen daarom erkend te worden zodat ze van proportionele en verschillende behandelingen kunnen genieten mocht dit nodig zijn.

Transitie gaat vooral om het weg nemen van barrières: regels, voorschriften en standaarden die samen hangen met het huidige centralistische en hiërarchische systeem (220 volt, 50 herz wisselstroom). Van bovenaf opleggen en standaardiseren is niet de manier, collectieven moeten de vrijheid krijgen om zelf energie regels te maken en te handhaven. Iedereen wil het anders doen en daar moet ruimte voor zijn. Belangrijk is dat het wordt toegelaten. Bijvoorbeeld de wetgeving verbiedt nu peer-to-peer levering en micronetten, alles moet via het publieke net.

De gemeente Amsterdam doet al heel veel in het stimuleren en begeleiden van energie coöperaties. Wat kan de stad nog meer doen?

Beleidsrichtingen

  • Het toewerken naar een decentraal distributief systeem
  • Complexiteit van distributief en ‘multilevel governance’ systeem erkennen en omarmen.
  • Lokaal en regionaal burgereigendom & -beheer stimuleren.
  • We hebben een ‘level playing field’ nodig om te zorgen voor non-discriminatie in de energie markt. Dit zou kunnen betekenen dat kleinere actoren zoals coops een voordelige behandeling krijgen, voorrang. (Het vergemakkelijken van markttoegang voor lokale energie initiatieven die energie opwekken.
  • Structureel inzetten in startsubsidies en vergunningen.
  • Het inzetten van publieke investeringsinstrumenten (ook dmv technische en administratieve ondersteuning)
  • Publieke aanbestedingen kunnen worden gebruikt om energie democratie of ‘community energy’ the stimuleren.
  • Amsterdam zou een gemeentelijk energiebedrijf kunnen opzetten dat lokale initiatieven helpt en faciliteert.

Energienetwerken in publiek-civiel beheer plaatsen:

  • Het civiel/open maken van delen van het distributienet
  • Het mogelijk maken van micronetten is een belangrijk onderdeel om distributief lokaal beheer te verwerkelijken. Dan kan men gezamenlijk stroom opwekken en zelf verhandelen, verdelen. Zo’n lokaal net kan aan het publieke net worden gehangen.
  • Energiecoöps en lokale autoriteiten hebben nu niet het recht om distributienetwerken en micronetwerken te bezitten en te beheren. Onderlinge levering (peer 2 peer) tussen mensen (bv buren) is niet mogelijk. Alles moet via het centrale publiek-private net. Hoe kan dit worden geopend?
  • Open design protocollen voor energienetten zouden ook bottom-up innovatie kunnen stimuleren door open standaarden te gebruiken die kleinere, creatieve spelers kunnen gebruiken om hiermee ‘proprietary lock-ins’ door grote bedrijven te voorkomen.
  • In Amsterdam is Liander de centrale netbeheerder. Wat kan Liander beter doen om lokale initiatieven en een gedecentraliseerd systeem te faciliteren? Het heeft wellicht weinig zin Liander in publiek beheer te nemen gezien de overheid al een meerderheidsbelang heeft. Maar goed wordt Liander bestuurd, kan dit democratischer? Liander is redelijk toeschietelijk. Wellicht kan de gemeente hierin verder bemiddelen en samen kijken hoe het net nog beter op distributieve opwekking en levering kan worden ingericht.
  • Het college wil ‘van warmtenetten open netten maken’, wat zou dit inhouden? Liander beheert ook de warmtenetten. Hier zijn voorstellen vanuit coöperaties om warmtenet deels te verzorgen. Bijvoorbeeld: Kabels en leidingen Binnengasthuisterrein & Warmtenet Watergraafsmeer.
  • Niet alleen naar aanbod kijken, maar ook vraag: hoe leven mensen? Lokale initiatieven op allerlei terreinen, commons, zijn ook vaak duurzamer, spaarzamer.
  • Om deze lijn vergaand door te voeren is er de noodzaak voor sociaal-politiek begrip en acceptatie van de institutionele veranderingen die nodig zijn voor de transformatie van het energie levering systeem. Breng kennis binnen de gemeente samen, van de verschillende afdelingen en stadsdelen die met initiatieven werken. Wat hebben de initiatieven nodig? Waar vragen ze om? Ga om de tafel zitten met initiatieven.
  • Wat kan op lokaal niveau vanuit de stad?
  • Kijken naar Europese regelgeving en hierin samen optrekken met andere steden in Europa.

6. Verder lezen

European Commission, JRC Booklet, 2018 –Local communities and social innovation for the Energy transition

Maarten Wolsink, Renewable Energy Communities, August 2018 https://www.interregeurope.eu/fileadmin/user_upload/plp_uploads/policy_briefs/2018-08-30_Policy_brief_Renewable_Energy_Communities_PB_TO4_final.pdf Zie de ‘anchor institutions’ uit het community wealth plan van Democracy Collaborative uit Washington, bijvoorbeeld hier: https://democracycollaborative.org/content/building-resiliency-through-green-infrastructure-community-wealth-building-approach en hier: https://democracycollaborative.org/sector/anchor-institutions), TNI: Public Community-owned windfarms give eight times as much local added value as internationally owned projects.) https://www.tni.org/en/publication/reclaiming-public-services

Maarten Wolsink, Renewable Energy Communities, August 2018 https://www.interregeurope.eu/fileadmin/user_upload/plp_uploads/policy_briefs/2018-08-30_Policy_brief_Renewable_Energy_Communities_PB_TO4_final.pdf ‘Public procurement can be used to support community energy development. Tenders for energy infrastructure can apply a minimum requirement for community ownership of shares, and regions could preference community-run models for provision of energy to public buildings and infrastructure, such as street lighting or district heating.’ Maarten Wolsink, Renewable Energy Communities, August 2018 https://www.interregeurope.eu/fileadmin/user_upload/plp_uploads/policy_briefs/2018-08-30_Policy_brief_Renewable_Energy_Communities_PB_TO4_final.pdf Dit is wettelijk vastgelegd en is in de meeste landen zo. In Griekenland is dit net veranderd door Syriza. Bollier& Helfrich, Free , Fair and Alive- p.311. Local communities’ social innovation initiatives for higher sustainability can however greatly contribute to the energy transition even without being specifically designed to target energy production and consumption. Despite the usually quite limited energy impact of single initiatives, they can significantly foster decarbonisation on the large scale through innovation actions that are highly diversified and can in principle flourish with own specificities all around the world. These initiatives include for example wind energy, community supported agriculture, social technologies, car clubs, repair cafés, participatory design, agro-ecology, eco-housing, recycling, shared machine shops, rainwater harvesting, complementary currencies,credit unions, socially useful production, seed swapping, community energy cooperatives, garden sharing, community forestry, green spaces and many, many other ideas and practices.(JRC Booklet, 2018 –Local communities and social innovation for the Energy transition)

Verdere bronnen: Energy cities: http://www.energy-cities.eu/IMG/pdf/local_energy_ownership_study-energycities-en.pdf Governing the Wind Energy Commons: Renewable Energy and Community Development (Rural Studies) Paperback – July 1, 201 Iaione, Christian,;The Co-City: Sharing, collaborating, cooperation and commoning in the city’. The Americal Journal of Economics and Sociology